Negentig deelnemers, een volle zaal en een duidelijke rode draad: het podiumevent van DataFryslân in de Kanselarij in Leeuwarden draaide om één vraag die steeds urgenter wordt. Hoe vertalen we de snelheid van AI naar concrete, verantwoorde toepassing in organisaties?
De wereld in sneltreinvaart
De keynote van Remy Gieling nam het publiek in hoog tempo mee langs de mondiale staat van AI. Van technologische doorbraken tot geopolitieke verhoudingen en de rol van big tech. Zijn analyse was scherp: de ontwikkeling gaat sneller dan organisaties kunnen bijbenen, en afwachten is geen neutrale optie meer.
Zijn conclusie was even praktisch als urgent. Wie niet experimenteert, bouwt geen vaardigheden op en verliest aansluiting. AI is daarmee niet alleen een kans, maar ook een strategisch risico voor organisaties die stil blijven staan.
Van abstractie naar Friese praktijk
In het tweede deel verschoof de focus radicaal. Onder leiding van Rudolf Simons werd ingezoomd op concrete toepassingen in Friese overheden en organisaties. Wat betekent AI als je het morgen moet gebruiken in beleid, uitvoering en dienstverlening?
Aan tafel zaten Jelmer Hitzert, Taeke van der Laan, Willem Bantema, Folkje Sjoerdsma en Remy Gieling. De praktijkvoorbeelden die hier werden gedeeld, werden door Gieling zelf gekwalificeerd als hoogstaand. Niet als experimenten aan de rand, maar als serieuze toepassingen die laten zien hoe publieke organisaties AI daadwerkelijk kunnen inzetten.
Scherpe lijnen in het gesprek
De discussie maakte duidelijk dat de echte vraagstukken niet technologisch zijn. Samenwerking over organisatiegrenzen heen bleek een voorwaarde om überhaupt impact te realiseren. Tegelijkertijd werd de afhankelijkheid van internationale technologiebedrijven expliciet benoemd als strategisch risico.
Ook de rol van ethiek kwam nadrukkelijk terug. Niet als abstract kader, maar als dagelijkse afweging in concrete toepassingen. Wat mag je automatiseren, wat wil je automatiseren en wie bepaalt dat?
Menselijke maat als beslissende factor
De kern van de middag werd in het panel helder geformuleerd. AI is geen technologievraagstuk, maar een menselijk vraagstuk. Organisaties die investeren in AI-geletterdheid, leiderschap en duidelijke kaders, kunnen versnellen. Organisaties die dat niet doen, lopen het risico dat ongelijkheid toeneemt, zowel intern als tussen organisaties.
Afsluiting en vervolg
De bijeenkomst eindigde met een informele borrel, waarin de discussie zichtbaar werd voortgezet. De energie in de zaal onderstreepte dat het onderwerp leeft, maar ook dat de fase van verkennen voorbij is.
Op 18 juni volgt een nieuw podiumevent van DataFryslân, gericht op datagedreven werken voor leidinggevenden. De volgende stap in dezelfde lijn: van inzicht naar sturing.
De keynote van Remy Gieling nam het publiek in hoog tempo mee langs de mondiale staat van AI. Van technologische doorbraken tot geopolitieke verhoudingen en de rol van big tech. Zijn analyse was scherp: de ontwikkeling gaat sneller dan organisaties kunnen bijbenen, en afwachten is geen neutrale optie meer.
Zijn conclusie was even praktisch als urgent. Wie niet experimenteert, bouwt geen vaardigheden op en verliest aansluiting. AI is daarmee niet alleen een kans, maar ook een strategisch risico voor organisaties die stil blijven staan.
Van abstractie naar Friese praktijk
In het tweede deel verschoof de focus radicaal. Onder leiding van Rudolf Simons werd ingezoomd op concrete toepassingen in Friese overheden en organisaties. Wat betekent AI als je het morgen moet gebruiken in beleid, uitvoering en dienstverlening?
Aan tafel zaten Jelmer Hitzert, Taeke van der Laan, Willem Bantema, Folkje Sjoerdsma en Remy Gieling. De praktijkvoorbeelden die hier werden gedeeld, werden door Gieling zelf gekwalificeerd als hoogstaand. Niet als experimenten aan de rand, maar als serieuze toepassingen die laten zien hoe publieke organisaties AI daadwerkelijk kunnen inzetten.
Scherpe lijnen in het gesprek
De discussie maakte duidelijk dat de echte vraagstukken niet technologisch zijn. Samenwerking over organisatiegrenzen heen bleek een voorwaarde om überhaupt impact te realiseren. Tegelijkertijd werd de afhankelijkheid van internationale technologiebedrijven expliciet benoemd als strategisch risico.
Ook de rol van ethiek kwam nadrukkelijk terug. Niet als abstract kader, maar als dagelijkse afweging in concrete toepassingen. Wat mag je automatiseren, wat wil je automatiseren en wie bepaalt dat?
Menselijke maat als beslissende factor
De kern van de middag werd in het panel helder geformuleerd. AI is geen technologievraagstuk, maar een menselijk vraagstuk. Organisaties die investeren in AI-geletterdheid, leiderschap en duidelijke kaders, kunnen versnellen. Organisaties die dat niet doen, lopen het risico dat ongelijkheid toeneemt, zowel intern als tussen organisaties.
Afsluiting en vervolg
De bijeenkomst eindigde met een informele borrel, waarin de discussie zichtbaar werd voortgezet. De energie in de zaal onderstreepte dat het onderwerp leeft, maar ook dat de fase van verkennen voorbij is.
Op 18 juni volgt een nieuw podiumevent van DataFryslân, gericht op datagedreven werken voor leidinggevenden. De volgende stap in dezelfde lijn: van inzicht naar sturing.